Mainmenu

Negentiende-eeuwse Atelierpraktijk

Zilcken, Philip, 1928, "Herinneringen van een Hollandschen Schilder der negentiende Eeuw 1877-1927 (Vijftig jaren Kunstgeschiedenis) met een voorwoord van Dr. A. Bredius" 's Gravenhage 1928
Citaat
Archief
archief Philip Zilcken
Vorm
memoires
Vrije titel
"Herinneringen van een Hollandschen Schilder der negentiende Eeuw 1877-1927 (Vijftig jaren Kunstgeschiedenis) met een voorwoord van Dr. A. Bredius" 's Gravenhage 1928
Begindatum
1928
Einddatum
1928
Trefwoord persoon
Zilcken, Philip (kunstenaar)
Mauve, Anton (kunstenaar)
Wisselingh, Hendrik Jan van (kunstenaar)
Zilcken, Philip (auteur/correspondent)
Taal
Nederlands [TA]
Citaat
Hierbij moet ik ook voegen, dat ik mij,- men sprak toen voor alles van individualiteit!- te veel gebonden voelde door de leiding van Mauve, die, hoe uitmuntend ook, wel erg subjectief was. Somtijds gebeurde het b.v., dat Mauve geheel opgaande in zijn eigen gedachte, mij zeide van een schets,"nu moet je daar wat schapen plaatsen" en, de daad bij het woord voegende, begon hij op mijn onafgewerkte doek een kudde te schetsen;. dit bracht mij zoo van streek, dat ik mijn schets niet verder kon uitwerken. Teneinde mij vrijer en onbelemmerd te kunnen uitspreken, besloot ik naar de heerlijke kust van Noord-Afrika te gaan, aangetrokken door het schilderachtige van het land, door het klimaat, dat altijd veroorlooft buiten te werken en het heldere zonlicht, dat bijna dagelijks constant is. Mijn Gymnasium-vriend A. Pit vergezelde mij, en welgemoed vertrokken wij in Februari naar Algiers, waar wij spoedig aankwamen en onmiddelijk opgingen in het schilderachtige leven der Casbah, waar alle mogelijke kleerderdrachten van de Moghreb viel,-der op- en neergaande straatjes, waar hier en daar een zonnestraa (sic) en de onregelmatige verlichting ons steeds aan de "Nachtwacht" herinnerden. Wij brachten onvergetelijke uren door in dit prachtige overblijfsel van het Arabische verleden, dan wandelende en schetsende, dan weer zittende bij de kleine Khawadji's, waar wij de geurige, zoete, Arabische koffie, genoten,- destijds voor een sou verkrijgbaar. [...] Ik werkte hard van 's morgens tot 's avonds, zoodat ik naar den Haag een kleine voorraad goed uitgewerkte indrukken meebracht, o.a. een vrij groot doek, dat ik geschilderd had naast den ingang van een vrouwenbad. Grappig was het voor mij de witgesluierde Moorsche vrouwen en blauw-en-rood gekleede negerinnen voortdurend in en uit te zien gaan, terwijl zij mij wantrouwend aankeken. Na dien droom van Oostersch leven exposeerde ik dadelijk bij den ouden heer van Wisselingh, een enthousiaste kunstkooper, drie werken, die de aandacht trokken en onmiddelijk verkocht werden. Deze bevonden zich onlangs in een Haagsche collectie. Ik was getroffen door de fijne, grijze, blonde toonen van het geheel in Algerië, meer dan door de felle kleuren, die ongetwijfeld dikwijls willekeurig worden aangebracht door schilders, waarvan een mij immers zeide, toen ik zijn gevoelige, harmonieuze studies bewonderde:" oui, mais, quand je peins pour le public, je fais ma palette d'orientaliste..." Toen ik weer in mijn atelier geïnstalleerd was, had zich de bepaalde idee gevormd mijn leven zoo in te richten, dat ik een gedeelte van het jaar in Algerië zou gaan, en het andere gedeelt (sic) mijn studies zou uitwerken; de levensomstandigheden het Fatum hebben echter deze plannen verijdeld...
Trefwoord
leerling; kunstonderwijs; verbetering aanbrengen (door de leermeester); en plein air werken; kunsthandelaar; invloed omgeving kunstenaar op schilderij; olieverfstudie; studieschets; kleurgebruik; daglicht

Reacties

Geen reacties

Mijn selecties

Mijn selecties

Uw huidige selectie zal gewist worden. Wilt u doorgaan?