Mainmenu

Briefwisseling tussen Theo van Doesburg en Cornelis van Eesteren

In 1922 ontmoette kunstenaar Theo van Doesburg de bijna veertien jaar jongere architect Cornelis van Eesteren. Dat de samenwerking die vervolgens ontstond niet altijd even soepel verliep, is terug te lezen in hun briefwisseling. Deze maand verschijnt de correspondentie van Van Doesburg en Van Eesteren in de periode 1922-1931 als deel 8 in de RKD-Bronnenreeks.


Ontmoeting in Weimar

In 1922 maakte Cornelis van Eesteren (1897-1988) een reis door Duitsland, Tsjechoslowakije en Scandinavië om baksteenarchitectuur te bestuderen. In Weimar ontmoet hij Theo van Doesburg (1883-1931), die daar probeerde om het Bauhaus enthousiast te krijgen voor zijn ideeën. De uitgebreide en rijk geïllustreerde inleiding van de uitgave beschrijft het internationale netwerk waarin Van Doesburg en Van Eesteren zich in de jaren twintig begaven. Door het gebruik van het dagboek van Cornelis van Eesteren als bron, is zijn reis op de voet te volgen.

1. Cover ‘Onze pénétratie was sterker als jij in je laatste brief vermoedt’. De briefwisseling tussen Theo van Doesburg en Cornelis van Eesteren, 1922-1931
2. Gezelschap in Düsseldorf, waaronder Theo en Nelly van Doesburg en Cornelis van Eesteren, mei 1922, collectie RKD
3. Cornelis van Eesteren en Theo van Doesburg in het atelier van rue Moulin Vert 51, Parijs, zomer/najaar 1923, collectie RKD


Moeizame samenwerking

De professionele relatie die ontstond is te volgen in de briefwisseling. In 1923 werkten ze voor het eerst samen aan ontwerpen voor een tentoonstelling in Parijs. Van Eesteren deed achteraf in enkele Franse bladen voorkomen alsof Van Doesburg bij dit project niet meer den een ‘collaborateur’ was geweest. ‘Ik zag toen dat van geen pénétrante samenwerking nog sprake was’, schreef Van Doesburg verontwaardigd. In de brieven erna is te lezen hoe het conflict werd gesust.

Dit bleek tekenend voor gezamenlijke projecten die volgden, waarbij beide ontwerpers proberen de eer naar zich toe te trekken. Wrijvingen over het auteurschap van hun ontwerpen en theoretische artikelen die Van Doesburg publiceerde, bleven de kop op steken en vergiftigden de relatie blijvend. Hierin stond Van Eesteren niet alleen. Door wat Van Doesburg zag als tegenwerking, niet alleen Van Eesteren, maar ook van zijn voormalige Stijl-collega’s, bewoog zijn gemoedstoestand zich van grote woede, via telkens herhaalde verzoenpogingen, naar berusting.


Publicatie van de briefwisseling

De correspondentie tussen Van Doesburg en Van Eesteren documenteert een cruciale periode in Van Doesburgs leven, waarin hij steeds meer alleen kwam te staan. De bijna honderd brieven die de bevlogen mannen elkaar schreven zijn geannoteerd gepubliceerd in ‘Onze pénétratie was sterker als jij in je laatste brief vermoedt’. De briefwisseling tussen Theo van Doesburg en Cornelis van Eesteren, 1922-1931. De uitgave verschijnt als deel 8 in de RKD-Bronnenreeks en is bezorgd en ingeleid door Sjoerd van Faassen, geassocieerd onderzoeker bij het RKD, en architectuurhistoricus Herman van Bergeijk. Het boek is hier te bestellen.

1. Cornelis van Eesteren & Theo van Doesburg, prijsvraagontwerp winkelgalerij aan Laan van Meerdervoort te Den Haag, 1924, Het Nieuwe Instituut
2. Brief van Theo van Doesburg aan Cornelis van Eesteren, Clamart, 24 juli 1924, Het Nieuwe Instituut
3. Brief van Cornelis van Eesteren aan Theo van Doesburg, Den Haag, 10 december 1924, collectie RKD